Achillespeesblessure: zó kom je ervan af

Mijn beste vriend doet het. Mijn zus doet het. Mijn Facebook-vrienden doen het. Zelfs mijn vader doet het.

Hardlopen.

Hardlopen is hip, hot en maakt happy. Hardlopers kom je altijd en overal tegen: in het park, op het fietspad, in het bos en op het trottoir. ’s Morgens voor het werk of juist ’s middags erna. Mamma’s en pappa’s rennen achter de kinderwagen of matten de hond af op het strand.

Vriend M. is fanatiek. Heel fanatiek. Wekelijks doet hij mee aan een loopje van 10 kilometer en hij is altijd aan het trainen voor een hele of een halve marathon. Naast fanatiek, is M. ook heel overtuigend. Met een paar klinkende argumenten had hij me snel overgehaald om ook te gaan hardlopen. ‘Hardlopen begint met schoenen kopen, Moniek’, zegt hij streng. Mijn gezicht klaart op en ik sta al in de startblokken. Om te shoppen, wel te verstaan.

We gaan hardloopwinkel in, hardloopwinkel uit. ‘Alleen het allerbeste, is goed genoeg. Hardloopschoenen zijn de basis van je uitrusting en je prestaties. Daar bezuinig je niet op.‘ Terwijl hij een paar gifgroene Nikes streelt, kijk ik vol verlangen naar de hoge-hakken-winkel aan de overkant van de straat. Ik word uit mijn droom gehaald door de verkoper. ‘Kom maar mee naar onze hardloopbaan in het souterrain, dan zullen we eens kijken wat voor loper jij bent.’

Onder de winkel ligt een baan met speciale videoapparatuur om mijn looppatroon te testen. Zo kan de verkoper mij een persoonlijk schoenadvies geven.

‘Doe je schoenen maar uit, rol je broekspijpen op en ga hier maar staan. En ren dan naar het einde van de baan.’ Hij zet de video aan en ik ren alsof mijn leven ervan afhangt over de baan. Samen kijken we naar het resultaat. Hij let op mijn loopje, ik kijk naar de oogverblindende witte kuiten die van het scherm afspatten.

‘Je proneert naar binnen’, zegt de verkoper beslist. ‘Dan kun je het beste déze schoenen nemen.’ Hij reikt me een paar Adidasjes aan. Parelmoerwitte schoenen met koningsblauwe strepen.  Proneren of niet, ik ben verkocht.

De volgende dag ga ik gelijk van start. ‘Begin heel rustig en bouw het langzaam op’, waarschuwt M. ‘Ren naar de Nesciobrug en weer terug. Dat is bijna 4 kilometer en voor een beginner is dat meer dan genoeg. Ja, óók voor jou.’ M. kent mij en M. kent mijn zelfoverschatting als het om sporten gaat. Braaf ren ik naar de brug en ik ben er veel eerder dan ik had verwacht. ‘Opbouwen is voor mietjes’, zegt een stemmetje in mijn hoofd. Met een grote omweg ren ik terug naar huis.

Halverwege krijg ik pijn. Pijn in mijn enkels, pijn in mijn bovenbenen en pijn in mijn heupen. Maar ik ren stug door.

Thuis spring ik onder de douche en kruip meteen achter de computer. Het hardloopvirus heeft me te pakken en ik heb Grote Plannen. Ik meld me aan bij Le Champion, ik geef me op voor de Damloop, de halve marathon van Amsterdam en de Zevenheuvelenloop. Ik zie mezelf al over de finish gaan.

In de periode die volgt, stort ik me helemaal op mijn nieuwe hobby. Vier keer per week trainen. Altijd en overal. Ik krijg spierpijn, zeurende kramp, stijve knieën en pijn in mijn heupen. Ik negeer de steken in mijn enkel. Mind over matter, denk ik als ik mijn spieren oprek.

Ik koop hardloopboeken, probeer verschillende hardloopmethodes, eet hardloopeten en maak hardloopvrienden. Ik wil zo snel mogelijk, zo hard mogelijk rennen. Daarvoor haal ik alles uit de kast.

Na drie maanden hardlopen, ren ik een behoorlijk snelle tijd. Ik begin aan mijn 10 kilometerrondje en na 2 kilometer sta ik ineens stil door een enorme pijnscheut in mijn enkel. Ik probeer het nog even maar de pijn is vreselijk en ik strompel naar een lantaarnpaal om te leunen. In paniek bel ik M., die me komt halen. Hij is boos. Heel boos. Als hij me thuis heeft gebracht, geeft hij me een heleboel tips om de pijnlijke pees te behandelen.

Koelen met ijs, masseren, insmeren, rekken en strekken, het wordt er niet beter van. Een week later lig ik dan ook bij de fysio op de bank. Zijn woorden klinken als een zware veroordeling: ‘Je achillespees is overbelast en waarschijnlijk behoorlijk beschadigd. Minstens zes tot acht weken niet hardlopen. Ga maar fietsen of zwemmen.’

Die vier tot zes weken, worden er acht en ik ben honderden euro’s aan fysiotherapie kwijt. Maar ik heb wel een kostbare les geleerd, die ik in praktijk breng zodra ik weer ‘mag’: begin heel rustig en bouw het langzaam op.

Mijn verantwoorde schema stoomt mij nét op tijd klaar voor de Damloop. Ik zet geen wereldtijd maar ik ren met heel veel plezier en zonder pijn.

Achillespeesblessure herkennen

 

Een achillespeesblessure herken je aan de pijn vlak boven je hiel, kramp en een stijf gevoel met opstaan, en een verdikte en rode pees. ‘s Morgens duurt het steeds langer voordat de pijn wegtrekt.

Herken je dit? Dan kan het zijn dat je een achillespeesblessure hebt.

De achillespees loopt van je kuitbeen naar het hielbot. De pees wordt belast bij lopen, rennen en springen. De achillespees vangt dan ook flink wat klappen op en is daardoor gevoelig voor blessures.

Bij een gezonde pees liggen de vezeltjes mooi gerangschikt. Allemaal even ver van elkaar. Dat maakt de pees sterk. De vezels van de beschadigde pees liggen in een ongelijk patroon waardoor hij minder krachtig is.

Achillespeesblessure door overbelasting

Een achillespeesblessure komt heel vaak voor bij hardlopers en ontstaat meestal door overbelasting. Als je bijvoorbeeld net als ik te veel en te intensief traint. Maar ook een vervelende misstap, verkeerde schoenen, slechte warming-up of cooling-down en langdurige overbelasting kunnen je  een achillespeesblessure bezorgen.

Achillespeesblessure, hoe voorkom je het

Kies de juiste schoen
Goede schoenen, die de juiste ondersteuning bieden, vooral als je voeten overproneren, zijn belangrijk.

Blijf nooit doorrennen op oude hardloopschoenen. En denk aan wat vriend M. tegen mij zei: Hardloopschoenen zijn de basis van je uitrusting en je prestaties. Daar bezuinig je niet op.

Achillespeesblessure, hoe kom je er af?

Je kunt veel zelf doen om een achillespeesblessure te voorkomen. Maar wat als die zeurende pijn in de ochtend een echte peesbeschadiging is geworden? Daar wil je dan zo snel mogelijk vanaf.

Koelen met ijs
Koel de pees dan zo snel mogelijk met ijsblokjes of een coldpack. Hou de pees zeker 15 minuten koud. Leg wel een lapje tussen het icepack en je voet om bevriezen te voorkomen.

Minder is meer
Train minder lang en minder intensief of stop gewoon even met hardlopen. Zoek tijdelijk een sport waarbij je je voeten minder belast zoals fietsen of zwemmen.

De hulp van een professional

Als rust, aanpassen van je training en oefeningen niet helpen moet je de hulp van een professional inschakelen. Er zijn verschillende therapieën maar ze hebben allemaal hetzelfde doel: de bloedcirculatie in de achillespees verbeteren.

Fysiotherapie
Je fysiotherapeut maakt gebruik van frictie om je achillespeesblessure te behandelen. Frictie is een massagetechniek die de doorbloeding in de pees verbetert en de aanmaak van collageen bevordert.

Shockwavetherapie
Een achillespeesblessure zorgt vaak voor kalkafzetting in de pees. Dat gebeurt ook als je hielspoor hebt. Shockwave vergruist met behulp van geluidgolven de kalk. Het lichaam wordt, door een betere doorbloeding, zelf aangezet om de blessure te genezen.

Inlegzooltjes
Footlogics heeft inlegzooltjes die een achillespeesblessure kunnen voorkomen. Lees er hier meer over.